Twee NVAO-geregistreerde secretarissen bij Bureau Lente

Met ingang van dit jaar beschikt Bureau Lente over twee NVAO-geaccrediteerde secretarissen voor het hoger onderwijs: Inge de Jager en Monique Bulle.  

De Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) is een kwaliteitszorgorganisatie die op deskundige en onafhankelijke wijze de kwaliteit van het hoger onderwijs in Nederland en Vlaanderen borgt en die de kwaliteitscultuur binnen de hogeronderwijsinstellingen in Nederland en Vlaanderen bevordert. Zij accrediteert bestaande en nieuwe opleidingen en beoordeelt de kwaliteitszorg van instellingen in het hoger onderwijs.  Daarmee is de NVAO bewaker van de kwaliteit van het hoger onderwijs.

Rol secretaris
Binnen dit proces ondersteunt de secretaris het panel van deskundigen in de beoordelingsprocessen instellingstoets kwaliteitszorg (ITK), toets nieuwe opleiding (TNO), toets na drie jaar en accreditatie. Hij of zij is geen lid van het panel, maar stelt zich neutraal op ten opzichte van de instelling/de opleiding, het panel en de NVAO. De secretaris kan daarbij diverse rollen vervullen:

  1. inhoudelijk procesbewaker: de secretaris zorgt ervoor dat het panel de procedures en richtlijnen van de NVAO correct toepast; 
  2. panelondersteuner: de secretaris neemt het panel organisatorische zaken uit handen; en 
  3. rapporteur: de secretaris notuleert de bijeenkomst(en) van het panel, het locatiebezoek en schrijft het advies- of beoordelingsrapport op aanwijzing van het panel.

De NVAO organiseert halfjaarlijks een secretaristraining waaraan steeds maximaal 20 personen kunnen deelnemen. Na het succesvol afronden van de training neemt de NVAO de secretaris op in het openbare NVAO-register van secretarissen.

Bureau Lente ondersteunt

Vanuit Bureau Lente bieden we inmiddels verschillende diensten aan vanuit onze rol als secretaris. Zo hebben we vanuit de rol van adviseur al geoefend in het gesprekvoeren bij een accreditatiepanel, met zowel een directie als met een examencommissie. Omdat wij

het accreditatiestelsel goed kennen, kunnen we als adviseur een opleiding prima ondersteunen bij het behalen of behouden van een accreditatie.

Ook opleidingen die met zelfstandig secretarissen willen werken in de begeleiding van een panel, kunnen nu goed door ons ondersteund worden op dit gebied. Bel of mail gerust voor meer informatie!  

Gijs Noordergraaf trainer/adviseur bij Bureau Lente

Bureau Lente blijft groeien!
Vanaf 1 januari versterkt Gijs Noordergaaf het snelgroeiende team van Bureau Lente als trainer/adviseur. Met Gijs heeft Bureau Lente opnieuw een zeer ervaren adviseur aan boord gehaald.

Na de PABO en een afgeronde studie onderwijswetenschappen aan de Universiteit van Utrecht, heeft Gijs de eerste jaren zelf voor de klas gestaan als basisschoolleraar in Rotterdam. Vervolgens werkte hij zes jaar als consultant en trainer bij Bureau ICE waar hij met name examens en toetsen ontwikkelde en trainingen verzorgde voor het mbo. Het was bij dit bureau dat hij voor het eerste samenwerkte met zijn huidige collega’s bij Bureau Lente: Monique Bulle, Jeanne Hup en Inge de Jager. De afgelopen 4 jaar was Gijs werkzaam als Kernconstructeur examinering bij Stichting Praktijkleren in Amersfoort.

Gijs Noordergraaf

Gijs Noordergraaf
“De afgelopen vier jaar heb ik met veel plezier gewerkt bij Stichting Praktijkleren om daar samen met veel scholen examens te ontwikkelen. De kennis en ervaring die ik hierbij heb opgedaan kan ik nu weer mooi inzetten in mijn nieuwe baan. Het was goed om ook eens aan de kant van de examenleverancier te werken, maar ik merkte toch dat het ‘voor de klas staan’ en kennis overdragen bleef trekken. Bureau Lente is nog een compacte, jonge organisatie waar ik echt een verschil kan maken. Ik ken de collega’s goed en weet dat hun ideeën over kennisoverdracht, examineren, testen en toetsen goed overeenkomen met de mijne. Het feit dat ik bij Bureau Lente ook in het hbo aan de slag kan gaan was voor mij een extra reden de nieuwe uitdaging aan te gaan.”

Volgens Jeanne Hup, medeoprichter van Bureau Lente, komt Gijs geen moment te vroeg. “Bureau Lente groeit nog steeds als kool. We werken inmiddels voor meer dan vijfentwintig gerenommeerde onderwijsinstellingen, die – ondanks corona – steeds meer examengerichte activiteiten bij ons onderbrengen. Net als bij de komst van Inge weten we ook van Gijs al dat zijn manier van werken, zijn ideeën over toetskwaliteit en kennisoverdracht uitstekend passen bij Bureau Lente. Door zijn ervaring is hij meteen vanaf dag één direct inzetbaar bij onze klanten, en dat is zeer welkom. En met zijn brede praktijkkennis is hij ook inhoudelijk een mooie aanvulling op ons team.”

Meer weten over Gijs?
Bekijk zijn LinkedIn profiel of stuur eens een mailtje aan gnoordergraaf(at)bureau-lente.nl

Podcast over Inclusief Toetsen

Op het recente congres Toetsen en Examineren in het Hoger Onderwijs verzorgden Erika Rob, van de Haagse Hogeschool, en Inge de Jager van Bureau Lente samen een workshop over inclusief toetsen. Zij brachten met de deelnemers in kaart wat je kunt doen in je toetsontwerp, de toetsafname en het beoordelen van toetsen om toetsen geschikt te maken voor álle studenten.
Podcastmaker Anne Venema sprak met hen over inclusief toetsen.

Podcast over inclusief toetsen

“Zet niet alles overboord, maar begin met je bestaande toetsen en kijk hoe je die inclusiever kunt maken.”

Op 14 december a.s. is Bureau Lente ook actief op het congres Toetsen en Examineren in het MBO. Helaas vanwege Corona alleen online dit keer, maar inhoudelijk even sterk!

Graag zien we jullie dan!

Taakinvulling en ondersteuning examencommissie (3)

Onder de naam ‘De Staat van de Examencommissie’ heeft Bureau Lente, adviesbureau op het gebied van onderwijsontwikkeling, toetsing en examinering, 26 examencommissies uit hbo en mbo gevraagd naar hun manier van werken, samenstelling, werkdruk, taken en uitdagingen. Dit is het derde blog van een serie van 3. Hier vindt u blog 1 en blog 2.

Taakinvulling
“Opvallend is dat bij het hbo er maar 1 commissie is (van de 9 respondenten), die meldt alle taken in de beschikbare tijd te kunnen uitvoeren. Terwijl in het mbo meer dan de helft (53%) zegt voldoende tijd te hebben voor alle taken”, zegt Jeanne Hup.

De examencommissies is ook gevraagd de vier taken te selecteren waar ze het merendeel van hun tijd aan besteden. De top twee was in alle examencommissies: kwaliteitsborging en daarnaast het behandelen van verzoeken en vrijstellingen. Daarnaast werd in het hbo het behandelen van klachten en bezwaren door alle commissies genoemd. Terwijl dit bij de examencommissies in het mbo door minder dan 30% genoemd wordt.  

“Dit is logisch”, zegt Monique Bulle, ”omdat in het mbo de examencommissie zich uitsluitend bezighoudt met de examinering aan het eind van de opleiding, terwijl in het hbo de toetsing gedurende de gehele studie studiepunten oplevert. Studenten kunnen dus op veel meer momenten een klacht of bezwaar indienen.”

“Opmerkelijk is dan wel dat de Kwaliteitsborging van Examinering vervolgens ook het meest genoemd wordt als taak waar te weinig tijd voor is: maar liefst 11 keer, waarvan 6 keer in het hbo, ofwel bij 2/3 van de examencommissies in het hbo.”

Ondersteuning
Examencommissies, tenslotte, worden in het hbo in de meeste gevallen ondersteund door de administratie of door een ambtelijk secretaris (elk door 2/3 van de commissies genoemd) In het mbo spelen vooral het examenbureau (76%) en de vaststeladviescommissie (71%) een belangrijke rol. De toetscommissie speelt bij 33% van de hbo-commissies een ondersteunende rol, terwijl deze in het mbo maar door 12% van de commissies genoemd wordt.

“In het mbo zien we dat kwaliteitsborging binnen examencommissies sterk aan belang wint, terwijl we bij het hbo vaak zien dat er daarvoor een ondersteunende toetscommissie wordt opgericht’, zegt Monique Bulle.

‘Ofschoon de steekproefgrootte te beperkt is om heel verstrekkende conclusies te trekken, denken we dat deze momentopname al een behoorlijk beeld geeft van de verschillen en overeenkomsten tussen examencommissies in het mbo en hbo. We zullen het onderzoek zeker herhalen en liefst ook verder uitbreiden”, besluit Monique Bulle.

Infographic Staat van Examencommissie 2

‘Werklast examencommissies lijkt groter in mbo dan in hbo’ (2)

Onder de naam ‘De Staat van de Examencommissieheeft Bureau Lente, adviesbureau op het gebied van onderwijsontwikkeling, toetsing en examinering, 26 examencommissies uit hbo en mbo gevraagd naar hun manier van werken, samenstelling, werkdruk, taken en uitdagingen. Blog 1 ging over de samenstelling van de commissies, deze blog gaat over de werklast, blog 3 gaat over de taakinvulling.

Werklast
In het hbo vergadert de examencommissie gem 5,7 uur per maand, terwijl dit bij het mbo uitkomt op 7,2 uur per maand. Dit is verschil is relatief klein als we kijken naar de verschillen in omvang van de scholen in termen van aantallen studenten, opleidingen en aantal te nemen diplomabesluiten. Bij het hbo gaat het dan om gemiddeld 1328 studenten, verdeeld over 2,4 opleidingen met jaarlijks 300 diplomabesluiten, terwijl deze cijfers in het mbo uitkomen op 3340 studenten, 30 opleidingen en jaarlijks 854 diplomabesluiten.

Als je het aantal commissieleden afzet tegen het aantal studenten dan kom je in het hbo op 0,46 personen op 100 studenten (ofwel zo’n 217 studenten per lid) en in het mbo op 0,28 (ca. 357 studenten per commissielid). Het hbo heeft 2,5 lid per opleiding terwijl het mbo het moet doen met 0,3 lid per opleiding. De vergadertijd per 100 studenten bedraagt in het hbo 0,43 uur en in het mbo 0,21 uur per maand.

Examencommissie verzetten natuurlijk ook nog veel tijd buiten de vergadertijd. Als we kijken naar de fte’s die toegewezen zijn aan de commissies dan komt het hbo uit op 1,3 en het mbo op 2,3 (ofwel 1 fte op 1000 studenten in het hbo en 0,7 fte per 1000 studenten in het mbo). Het aantal fte’s per opleiding bedraagt in het hbo 0,53 en in het mbo 0,08.

“Als je naar deze cijfers kijkt lijkt het duidelijk dat de examencommissies in het mbo zwaarder belast zijn, zowel in absolute vergadertijd als ook relatief, in tijd en fte per student”, zegt Monique Bulle van Bureau Lente.

Bureau Lente onderzoekt Staat van Examencommissie mbo en hbo (1)

De ene examencommissie is de andere niet. Zo blijkt uit een recente steekproef onder hbo’s en mbo’s. Onder de naam ‘De Staat van de Examencommissie’ (infographic) heeft Bureau Lente, adviesbureau op het gebied van onderwijsontwikkeling, toetsing en examinering, 26 examencommissies uit hbo en mbo gevraagd naar hun manier van werken, samenstelling, werkdruk, taken en uitdagingen.

Hogere werklast in mbo
Meest opvallende uitkomst: leden van examencommissies in het mbo lijken een hogere werklast te hebben dan die in het hbo, hetgeen tot uiting komt in vergadertijd, aantal studenten per lid van de commissie en beschikbare fte’s per 1000 studenten. Toch geven mbo-examencommissies vaker aan, alle wettelijke taken in de beschikbare tijd te kunnen uitvoeren. Overeenkomsten zijn er ook: het overgrote deel van de examencommissies in beide segmenten geeft aan minder dan 3 jaar in de huidige samenstelling te opereren. Een derde zelfs minder dan een jaar.

Samenstelling
In totaal hebben 26 examencommissies aan de inventarisatie deelgenomen,9 uit het hbo en 17 uit het mbo. De gemiddelde examencommissie in het hbo telt 6 leden terwijl dit in het mbo op bijna 10 ligt. Voor beide groepen geldt dat de verdeling man/vrouw nagenoeg gelijk is. In het hbo is 49% vrouw en in het mbo 52%. De gemiddelde leeftijd is eveneens nagenoeg identiek: 47 jaar in het mbo tegen 48 jaar in het hbo.

Infographic Staat van de Examencommissie

Binnen het hbo is 82% van de examencommissie ook docent, in het mbo is dat iets meer dan de helft (52%). Tegelijkertijd heeft in het hbo geen enkele directeur zitting in de ondervraagde examencommissies, terwijl 30% van de mbo’s wel een directeur in de gelederen heeft. Ook managers vinden we nauwelijks in het hbo, terwijl ongeveer de helft van de mbo-commissies managers bevat. Zij maken 19% van het totaal aantal commissieleden in het mbo uit.
In het hbo heeft geen enkele commissie een lid uit de beroepspraktijk, terwijl in het mbo vrijwel elke examencommissie gemiddeld 2 leden uit de beroepspraktijk telt.

“We zien bij de examencommissies waar wij mee werken dat in het mbo het extern lid doorgaans iemand uit de beroepspraktijk is, terwijl dat in hbo niet of nauwelijks gebeurt. Daar wordt het extern lid vaak ingevuld vanuit een andere opleiding of school”, zegt Jeanne Hup van Bureau Lente.